Stevige opmars eenpersoonszaken: meer kmo's dan ooit tevoren

januari 20, 2024

Er waren nog nooit zoveel kmo's in België als het voorbije jaar. 1,3 miljoen om precies te zijn. Bijna de helft daarvan zijn eenpersoonszaken.

Dat het goed gaat met de Belgische kmo blijkt uit de jaarlijkse kmo-barometer van dataspecialist Graydoncreditsafe en Unizo. Eind vorig jaar waren er 1,3 miljoen kmo's actief, een kwart meer dan tien jaar geleden. In meer dan de helft van de gevallen - 710.000 - gaat het om Vlaamse ondernemingen. De populairste sectoren zijn de diensten, de bouw, de industrie, winkels en horeca.

634.000 eenpersoonszaken en freelancers

De groei van het aantal kmo's is te danken aan de sterke opmars van de eenpersoonszaak. In 2013 telde Vlaanderen er een half miljoen, vandaag zijn het er 634.000. Van alle kleine en grote ondernemingen hebben negen op de tien niemand in dienst. Heel wat freelancers wagen hun kans als gevolg van de krapte op de arbeidsmarkt en het groeiend aantal mensen dat bijklust in bijberoep.

Financiële gezondheid van de kmo's

Een jaar geleden zat een op de drie kmo's in België door de reserves financiële reserves, vandaag is dat nog één op vijf. De gemiddelde Belgische kmo is er dus beter aan toe dan een jaar geleden, maar er is nog werk. Een op vijf bedrijven beschikt over te weinig buffers om voort te blijven draaien zoals het vandaag doet. Dat heeft vooral te maken met de stijgende loondkosten en rente, aldus GraydonCreditsafe.

In 2024 moet u rekening houden met enkele nieuwe hr-maatregelen voor werkgevers en werknemers. In dit artikel lijsten we enkele belangrijke wijzigingen op.

Verlenging datum uitreiking koopkrachtpremie

Via het KB van 23 april 2023 over de koopkrachtpremie kunnen goed presterende ondernemingen sinds 1 juni 2023 een eenmalige koopkrachtpremie toekennen aan hun werknemers. Deze premie is vrijgesteld van socialezekerheidsbijdragen en bedrijfsvoorheffing. Als werkgever betaalt u wel een bijzondere bijdrage van 16,5%.

Als u uiterlijk op 31 december 2023 de beslissing nam om dergelijke premie toe te kennen, dan geldt een verlenging van de datum van uitreiking tot 31 maart 2024. Dankzij deze verlengde termijn krijgen werkgevers, sociale secretariaten en dienstverleners de nodige tijd om de koopkrachtpremies te berekenen en consumptiecheques te bestellen.

Werkhervattingspremie: 1.725 EUR sinds 1 januari 2024

Mits u aan bepaalde voorwaarden voldoet, kunt u als werkgever een werkhervattingspremie van 1.000 EUR aanvragen als een langdurig zieke werknemer met toestemming van de adviserend geneesheer van het ziekenfonds het werk hervat tijdens de periode van 1 april 2023 tot 31 maart 2025.

Dit bedrag stijgt naar 1.725 EUR voor progressieve werkhervattingen die ten vroegste op 1 januari 2024 startten met goedkeuring van de adviserend geneesheer. Deze maatregel loopt tot 31 maart 2025, waarna een evaluatie en eventuele verlenging volgt.

Rsz-vermindering eerste aanwervingen: wijzigingen sinds 1 januari 2024

Sinds begin 2024 moet u er rekening mee houden dat de rsz-vermindering voor eerste aanwervingen sterk ingeperkt wordt:

Enerzijds wordt het voordeel voor een eerste werknemer begrensd tot maximaal 3.000 EUR per kwartaal (in plaats van 4.000 EUR). Deze beperking geldt ook voor al lopende verminderingen.

Anderzijds wordt de rsz-vermindering voor de vierde, vijfde en zesde aanwerving afgeschaft. Dit geldt enkel voor nieuwe aanwervingen vanaf 1 januari 2024.

CO2-solidariteitsbijdrage 2024 voor bedrijfswagens

Wanneer u als werkgever een bedrijfswagen ter beschikking stelt van een werknemer waarmee hij of zij ook privéverplaatsingen mag doen, dan moet u een CO2-bijdrage betalen.

Het bedrag van deze bijdrage is afhankelijk van de CO2-uitstoot en het brandstoftype van de wagen, met de CO2-index als grondslag.

De volgende berekeningsformule is van toepassing:

Benzine Diesel Elektrische wagen lpg
((Y* x 9 euro) - 768): 12 ((Y x 9 euro) - 600): 12 20,83 euro ((Y x 9 euro) - 990): 12

*Y = CO2-emissie van het voertuig

Voor 2024 is de (jaarlijks geïndexeerde) indexeringscoëfficiënt gelijk aan 1,5359.

De minimumbijdrage vanaf 1 januari 2024 is 31,99 EUR. Voor elektrische voertuigen zal de bijdrage altijd gelijk zijn aan 31,99 EUR.

Nieuw bedrag kilometervergoeding

Werknemers die hun eigen wagen gebruiken voor dienstverplaatsingen, kunnen van hun werkgever een kilometervergoeding ontvangen. Deze vergoeding wordt elk kwartaal herzien.

Voor de periode van 1 januari 2024 tot en met 31 maart 2024 bedraagt deze kilometervergoeding 0,4269 EUR per kilometer. Voor de periode van 1 oktober 2023 tot en met 31 december 2023 was dit 0,4259 EUR per kilometer.

Zoals elk jaar staan er ook in 2024 heel wat markante btw-nieuwigheden op til. In dit artikel zetten we voor jou enkele belangrijke veranderingen op een rij.

Btw-identificatienummer: technische aanpassingen

Op basis van een recente ontwerpwet worden diverse technische aanpassingen doorgevoerd met betrekking tot het toekennen van een btw-identificatienummer en de verplichting om het btw-identificatienummer aan leveranciers mee te delen.

Uitbreiding aanmeldingsplicht gemengde btw-plichtigen

Sinds 1 januari 2023 zijn gemengde btw-plichtigen verplicht om vooraf te melden als ze de btw-aftrek volgens het werkelijk verbruik toepassen. In dergelijk geval moet in 2024 voor de eerste maal (via een interface op Intervat) informatie verschaft worden over hoeveel btw in aftrek werd genomen: voor 100%, 0% en volgens één of meerdere bijzondere verhoudingsgetallen.

Sinds 1 januari 2024 wordt deze aanmeldingsplicht uitgebreid naar gemengde btw-plichtigen die hun recht op aftrek uitoefenen via het algemeen verhoudingsgetal. De melding hiervan moet gebeuren via het elektronisch formulier 604A of 604B. Btw-plichtigen die op 31 december 2023 hun recht op aftrek al uitoefenen via het algemeen verhoudingsgetal, moeten dat uiterlijk op 30 juni 2024 melden.

Aan de hand van deze verplichte meldingen zullen gerichte btw-controles plaatsvinden.

Verlenging verlaagd btw-tarief warmtepompen

Van 1 april 2022 tot 31 december 2023 gold een tijdelijk verlaagd btw-tarief van 6% voor de levering en toepassing van fotovoltaïsche zonnepanelen, thermische of fotovoltaïsche zonnepanelen en zonneboilers en warmtepompen - met uitsluiting van hybride warmtepompen - voor woningen jonger dan 10 jaar.

Dit verlaagd tarief van 6% wordt verlengd tot 31 december 2024, maar enkel voor warmtepompen, met uitsluiting van hybride warmtepompen.

Vernieuwd geregistreerd kassasysteem (GKS)

Tien jaar geleden - in 2014 - werd het geregistreerd kassasysteem (GKS) geïntroduceerd in de horecasector. Via een ontwerpwet wordt dit systeem grondig geactualiseerd. Het basisprincipe (transactiedata beveiligen met een digitale handtekening in de Fiscale Data Module) blijft behouden. Nieuw is dat dit niet langer met een VAT signing card moet gebeuren. Ook zal er nog slechts één auditfile zijn, ongeacht de gebruikte kassasoftware.

De belangrijkste nieuwigheid is dat (detail)transactiegegevens online en in realtime doorgestuurd worden naar de btw-administratie. Hierdoor worden controles op afstand mogelijk.

Voor de inwerkingtreding - volgens de ontwerpwet voorzien sinds 1 januari 2024 - geldt een overgangsregeling tot 1 januari 2027 wanneer op 31 december 2023 al een certificatie van het GKS werd aangevraagd of bekomen.

Hoofdelijke aansprakelijkheid elektronische interfaces

Vanaf 2024 geldt een hoofdelijke aansprakelijkheid voor belastingplichtigen die via elektronische interfaces leveringen van goederen faciliteren. Deze hoofdelijke aansprakelijkheid komt in beeld in situaties waarin deze leveringen niet onder de dekking vallen van artikel 13bis van het Wetboek. Elektronische interfaces worden onder de volgende omstandigheden als koper/verkoper worden beschouwd:

wanneer een niet-EU-leverancier via het platform goederen levert in de EU, of

wanneer goederen met een waarde lager dan 150 EUR worden ingevoerd.

Deze nieuwe vorm van hoofdelijke aansprakelijkheid is niet van toepassing wanneer de belastingplichtige te goeder trouw is en geen fout heeft begaan of nalatig is geweest.

Bij een nieuw (fiscaal) jaar hoort een nieuwe jaarkalender. In dit overzicht zetten we alle belangrijke data (deadlines btw-aangiftes, bedrijfsvoorheffing, ...) van het eerste kwartaal op een rij. Handig!

Januari

01/01: Gelukkig Nieuwjaar
05/01: Rsz
15/01: Bedrijfsvoorheffing
22/01: Btw
31/01: Rsz-afrekening

Februari

05/02: Rsz
15/02: Bedrijfsvoorheffing
20/02: Btw
29/02: Fiches 281.10 en 20

Maart

05/03: Rsz
08/03: Internationale Vrouwendag
15/03: Bedrijfsvoorheffing
20/03: Btw
31/03: Btw-listing

April

05/04: Rsz
07/04: Wereldgezondheidsdag
10/04: Voorafbetalingen
15/04: Bedrijfsvoorheffing
22/04: Btw
30/04: Rsz-afrekening

Mei

03/05: Rsz
15/05: Bedrijfsvoorheffing
21/05: Btw

Juni

05/06: Rsz
14/06: Bedrijfsvoorheffing
20/06: Btw
30/06: Fiches 281.50

Juli

05/07: Rsz
10/07: Voorafbetalingen
15/07: Bedrijfsvoorheffing n.t.b.: PB: indieningstermijn Tax-on-Web (burgers) en VVA (mandatarissen)
22/07: Btw 31/07: Rsz-afrekening

Augustus

05/08: Rsz
14/08: Bedrijfsvoorheffing
20/08: Btw

September

05/09: Rsz
13/09: Bedrijfsvoorheffing
20/09: Btw
23-27/09: Week van het Werkgeluk

Oktober

04/10: Rsz n.t.b.: aangifte Vennootschapsbelasting
10/10: Voorafbetalingen
15/10: Bedrijfsvoorheffing n.t.b.: PB: indieningstermijn TOW (mandatarissen)
21/10: Btw
31/10: Rsz-afrekening

November

05/11: Rsz
10/11: Internationale Dag van de Accountant
15/11: Bedrijfsvoorheffing
20/11: Btw

December

05/12: Rsz
10/12: Dag van de Mensenrechten
13/12: Bedrijfsvoorheffing
20/12: Btw + Voorafbetalingen

Hoewel werkstress een aandachtspunt blijft, zit het wel goed met de tevredenheid van de Vlaamse zelfstandigen. Dat blijkt uit onderzoek van de SERV, de sociaal-economische raad van Vlaanderen.

Van de 1.788 Vlaamse zelfstandigen die dit jaar (bij de eerste meting sinds de coronacrisis) hun input gaven, blijkt 52,5 procent positief over alle domeinen. Bij de start van de meting in 2007 was dat nog 47,7 procent. Die stijging is opmerkelijk, aangezien de tevredenheid bij werknemers eerder stabiliseert.

De opvallendste positieve tendensen uit het onderzoek

9 op de 10 zelfstandigen zijn gemotiveerd

zo goed als alle ondervraagden zijn tevreden met hun leermogelijkheden.

Werkstress blijft wel een werkpunt. Ruim een derde van de ondernemers ervaart te veel stress. Zelfstandigen die zelf personeel in dienst hebben ervaren nog meer stress (44 procent). De bijkomende verantwoordelijkheden en administratieve lasten van het personeelsbeheer zijn daar wellicht verantwoordelijk voor.

Werk-privébalans

De balans tussen werk en privé gaat er wel op vooruit: 29,7 procent worstelt vandaag met die combinatie, tegenover 34,5 in 2007. Het gemiddeld aantal werkuren is ook gedaald: van 56,8 per week naar 52,2. Dat wijst mogelijk op een voorzichtige mentaliteitswijziging.

De Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) meet de kwaliteit van jobs driejaarlijks. Aanvankelijk eerst enkel voor werknemers, maar sinds 2007 ook voor zelfstandigen.

In maart 2019 kreeg u als werkgever de kans om het mobiliteitsbudget in te voeren in uw onderneming. In het kader van een vereenvoudiging van deze maatregel, is er vanaf 1 januari 2024 een forfaitaire formule beschikbaar om dit budget te berekenen.

Ter opfrissing

Via het mobiliteitsbudget kan een werknemer zijn of haar bedrijfswagen inruilen voor een bepaald budget. Dit budget wordt berekend op basis van de 'Total Cost of Ownership' (TCO) van de wagen. De TCO is de totale jaarlijkse kostprijs voor een werkgever voor de financiering en het gebruik van de bedrijfswagen.

De toepassing van het mobiliteitsbudget steunt op drie pijlers op basis waarvan een werknemer dit budget kan besteden:

Pijler 1: keuze voor een milieuvriendelijke bedrijfswagen

Pijler 2: keuze voor duurzame vervoersmiddelen, zoals een fiets

Pijler 3: uitbetaling van het resterende saldo in cash

Twee berekeningsmethodes

Vanaf 1 januari 2024 hebt u als werkgever de keuze tussen twee berekeningsmethodes:

een berekening op basis van de werkelijke kosten van de bedrijfswagen

een berekening op basis van de forfaitaire kosten

Een berekening op basis van forfaitaire kosten is nieuw. Met welke elementen moet u rekening houden?

Deze forfaitaire formule heeft betrekking op zowel de berekening van het mobiliteitsbudget als van de waarde van de wagen in de eerste pijler.

U moet uw keuze voor de forfaitaire formule expliciet aangeven. Als u dit niet doet, geldt verplicht de berekening op basis van de werkelijke kosten.

Uw keuze geldt voor een periode van drie jaar. Na deze termijn moet u opnieuw expliciet aangeven welke optie u verkiest (werkelijke of forfaitaire kosten).

U moet uw werknemers informeren over de nieuwe forfaitaire berekeningsmethode.

Wat is de beste keuze?

Een berekening op basis van de werkelijke of forfaitaire kosten levert niet zoveel verschillen op.

Het grootste verschil ligt in de berekening van de brandstof en/of elektriciteitskosten. In de forfaitaire berekening wordt dit berekend aan de hand van een vast bedrag per kilometer voor het woon-werkverkeer, vermeerderd met 6.000 km per jaar aan privéverplaatsingen. Deze forfaitaire formule biedt dus extra duidelijkheid en eenvormigheid.

In beide gevallen moet u rekening houden met de al gekende kosten, zoals het leasingbedrag, de CO2-bijdrage, de niet-aftrekbare btw en de belasting op niet-aftrekbare kosten.

De nieuwe berekeningswijze geldt enkel voor nieuwe instappers. Er is geen herberekening nodig voor de lopende mobiliteitsbudgetten. Bestaande overeenkomsten blijven volledig van kracht.

Bron: Moore

Op 14 november bereikte de Vlaamse regering een akkoord omtrent de nieuwe stikstofnormen. De regels hebben nogal wat gevolgen voor de landbouw, maar ook voor bedrijven.

Of het akkoord ook juridisch volledig waterdicht is, moet nog blijken. Maar dát er een akkoord is, mag alvast een klein wonder genoemd worden. Voor landbouwers en ondernemers is het stikstofakkoord cruciaal. Het betekent dat er nu alvast rechtszekerheid zal komen voor toekomstige projecten, wat goed is voor de economie.

Geen verplichte sluitingen

Geen enkel (landbouw)bedrijf zal verplicht de boeken moeten neerleggen. Ook de piekbelasters krijgen nog een kans om hun uitstoot drastisch terug te schroeven. Kippen- en varkenskwekers bijvoorbeeld kunnen dat doen met luchtwassers die stikstof uit de lucht halen.

Minder streng voor industrie dan voor landbouw

Het stikstofakkoord bevat verschillende vergunningsdrempels. Die zijn voor de landbouw strenger dan voor de industrie. De drempels moeten wel nog een wetenschappelijke onderbouwing krijgen in de uiteindelijke tekst.

Dit is alvast goed nieuws voor kmo's. Zij hoeven hierdoor geen complexe en dure studies te laten uitvoeren bij elke vergunningsaanvraag voor het plaatsen van bijvoorbeeld een serre. Zo'n gedetailleerde en dure wetenschappelijke studie moet aantonen dat het project en haar stikstofuitstoot geen schadelijke gevolgen heeft of tot een betekenisvolle aantasting leidt van nabijgelegen natuurgebieden.

Geen vergunningenstop

Er komt geen vergunningenstop. Bedrijven die boven de vastgelegde uitstootdrempel uitkomen, kunnen toch een vergunning aanvragen als ze een individuele passende beoordeling uitvoeren (zie hierboven). Op die manier kan dossier per dossier bekeken worden.

Maatregelen kosten 3,6 miljard euro

Aan het stikstofakkoord hangt een stevig prijskaartje. Alle maatregelen samen zullen tot en met 2030 3,6 miljard euro kosten. Het overgrote deel van dat geld gaat naar de landbouwsector, die stevig zal moeten investeren.

In 2024 gelden de volgende feestdagen:

Nieuwjaar: maandag 1 januari

Paasmaandag: maandag 1 april

Feest van de Arbeid: woensdag 1 mei

Hemelvaart: donderdag 9 mei

Pinkstermaandag: maandag 20 mei

Nationale feestdag: zondag 21 juli

Maria-Hemelvaart: donderdag 15 augustus

Allerheiligen: vrijdag 1 november

Wapenstilstand: maandag 11 november

Kerstmis: woensdag 25 december

Tijdens deze feestdagen mogen werknemers van de privésector niet worden tewerkgesteld. Als werkgever moet u wel een loon betalen voor deze feestdagen.

Een feestdag die samenvalt met een zondag of een gewone inactiviteitsdag in de onderneming, moet vervangen worden door een gewone werkdag in hetzelfde jaar.

De vervangingsdag kan worden vastgesteld (cascaderegeling):

ofwel op sectoraal vlak binnen het paritair comité;

ofwel door een beslissing van de ondernemingsraad of vakbondsafvaardiging, of een collectief akkoord tussen de werkgever en alle werknemers;

ofwel via een individueel akkoord tussen de werkgever en elke werknemer.

Als er op geen enkel van deze niveaus een akkoord werd bereikt, wordt de feestdag vervangen door de eerste dag die volgt op de feestdag waarop in de onderneming normaal wordt gewerkt.

Bekendmaking

De vervangingsdagen moeten voor 15 december 2023 in de ondernemingslokalen worden aangeplakt via een gedateerd en ondertekend bericht.

Een kopie van dat bericht moet bij het arbeidsreglement worden gevoegd en bezorgd worden aan Toezicht op Sociale Wetten.

In het najaar bereikte de federale regering een akkoord over de begroting voor 2024. In dit akkoord staat onder meer de maatregel vermeld dat vanaf 1 januari 2024 flexi-jobs worden uitgebreid naar twaalf nieuwe sectoren.

Met deze maatregel wil de federale regering het personeelstekort in deze sectoren aanpakken, waarbij werkgevers extra personeel op een flexibele manier kunnen inzetten. Door deze uitbreiding worden flexi-jobs, naast de tien huidige sectoren, ook mogelijk worden in de volgende sectoren: onderwijs, kinderopvang, publieke sport- en cultuursector, land- en tuinbouw, bussen en autocars, autosector, voedingsindustrie, uitvaartsector, verhuissector, rijscholen, eventsector en immo-sector.

Sterkere sociale bescherming

Het vastgelegde minimumloon voor een flexi-jobber is vandaag 11,81 euro per uur. Dit bedrag zal voortaan per sector geregeld worden, en dus ook per sector verschillen.

Voor flexwerk zal het barema gelden dat voor gewone werknemers in de sector van toepassing is. Een flexi-jobber zal iets meer kunnen verdienen. Voor de horeca - de sector met de meeste flexi-jobbers - geldt een uitzondering. In deze sector blijft het minimumloon voor een flexi-jobber 11,81 euro per uur.

Werkgeversbijdrage

De regering verhoogt de werkgeversbijdrage van 25% naar 28%.

Plafond

Per jaar geldt een plafond van circa 12.000 euro dat een flexi-jobber mag verdienen. Boven dit bedrag wordt hij belast op het saldo. Flexwerk mag minimaal 3 uur en maximaal 9 uur op één dag plaatsvinden. Voor gepensioneerden (ouder dan 65 jaar) komt er geen plafond: zij kunnen onbelast bijverdienen. Voor vroeggepensioneerden komt er wel een plafond, van 7.190 euro onbelast bijverdienen per jaar.

Wie kan starten met een flexi-job?

Om als flexi-jobber aan de slag te gaan, moet men gepensioneerd zijn of minstens 4/5de werken. Nieuw: wie overschakelt van een voltijdse baan naar een 4/5de tewerkstelling, moet voortaan een half jaar wachten vooraleer men als flexi-jobber aan de slag kan.

Deze informatie blijft onder voorbehoud tot alle wetteksten gepubliceerd zijn.

De vierdaagse werkweek is vandaag in slechts zes procent van de Vlaamse kmo?s ingevoerd, blijkt uit een onderzoek van hr-dienstverlener SD Worx.

De arbeidsdeal van de federale regering met als doel meer mensen aan het werk te krijgen en flexibiliteit te stimuleren is geen overdonderend succes. De vierdaagsewerkweek bijvoorbeeld, waarbij voltijdse werknemers aan hun werkgever kunnen vragen om hun job in vier dagen te presteren, wordt amper toegepast. Het systeem, dat komt overwaaien uit de bouw waarbij , is sinds november 2022 opengesteld voor alle sectoren. Werkgevers zijn evenwel niet verplicht om het in te voeren.

Strijd om talent

Zes maanden na de invoering maakt slechts 6 procent van de Vlaamse kmo?s gebruik van de vierdaagsewerkweek, onderzocht SD Worx. Kleine en middelgrote ondernemingen hebben wel interesse in het systeem, zo blijkt uit het onderzoek, maar houden voorlopig vast aan de traditionele vijfdaagsewerkweek, mogelijk uit angst voor een verlaagde productiviteit bij werknemers.

Nochtans kan de vierdaagsewerkweek kmo?s helpen in de zoektocht naar personeel. Flexibiliteit in werktijden is een van de belangrijkste voorwaarden die jonge werknemers vooropstellen.

Vierdaagsewerkweek voor ambtenaren

Ook ambtenaren kunnen sinds kort overigens van de vierdagenwerkweek gebruikmaken. Het Koninklijk Besluit van minister De Sutter werd twee weken geleden door de regering goedgekeurd. Ambtenaren kunnen trouwens nog flexibeler omgaan met hun werktijden: ze kunnen kiezen voor een wisselende weekrooster, waarbij ze de ene week meer werken en de andere minder.

KANTOOR KORTRIJK
Koning Leopold I straat 22
8500 Kortrijk
tel: +32 56 20 11 30fax: +32 56 22 81 37email: info@kantooratexio.be
KANTOOR WAREGEM
Guido Gezellestraat 4
8790 Waregem
tel: +32 56 60 07 75fax: +32 56 60 82 57email: info@kantooratexio.be
KANTOOR ANZEGEM
Pastoor Verrieststraat 105a
8570 Ingooigem
KANTOOR KLUISBERGEN
Hoogweg 19
9690 Kluisbergen
ottie
© 20232024 Kantoor ATEXIO All rights reserved.
crossmenu linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram
X